{"id":176436,"date":"2020-06-09T00:00:00","date_gmt":"2020-06-08T22:00:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.bcfi.be\/covid-19-en-coagulopathie-wat-met-ambulante-patienten-update-van-bericht-van-30-04-2020\/"},"modified":"2026-04-09T17:11:58","modified_gmt":"2026-04-09T15:11:58","slug":"covid-19-en-coagulopathie-wat-met-ambulante-patienten-update-van-bericht-van-30-04-2020","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/covid-19-en-coagulopathie-wat-met-ambulante-patienten-update-van-bericht-van-30-04-2020\/","title":{"rendered":"COVID-19 en coagulopathie: wat met ambulante pati\u00ebnten [update van bericht van 30\/04\/2020]"},"content":{"rendered":"<h2>Update van 9 juni 2020<\/h2>\n<p>In ons Goed om te Weten-bericht van 30\/04\/2020 (zie onder)&#x002C; gaven we aan dat we enkel in Frankrijk concrete aanbevelingen gevonden hadden over de trombosprofylaxe bij ambulante pati\u00ebnten met COVID-19. Ondertussen heeft ook de <em>Belgian Society on Thrombosis and Haemostasis<\/em> richtlijnen geformuleerd voor tromboseprofylaxe bij gehospitaliseerde en ambulante COVID-19-pati\u00ebnten<span class='folia-referentie-note'><sup>1<\/sup><\/span>. Ook het Nederlandse Huisartsengenootschap (NHG) heeft aanbevelingen geformuleerd over de tromboseprofylaxe bij COVID-19-pati\u00ebnten die enkel ambulant behandeld worden<span class='folia-referentie-note'><sup>2<\/sup><\/span>.<br \/> Nederlandse cijfers bevestigen het uitzonderlijke hoge tromboserisico bij COVID-19-pati\u00ebnten op intensieve zorgen (bijna 1 op 2 pati\u00ebnten na 14 dagen). Bij gehospitaliseerde COVID-19-pati\u00ebnten buiten IZ lag dit cijfer veel lager (3% in Nederland&#x002C; wat nog steeds hoger is dan gebruikelijk bij niet voor heelkunde opgenomen pati\u00ebnten: gemiddeld 0&#x002C;4-0&#x002C;8%). De prevalentie bij de minder zieke pati\u00ebnten thuis blijft onbekend maar zal hoogstwaarschijnlijk nog een stuk lager zijn<span class='folia-referentie-note'><sup>2<\/sup><\/span>.<br \/> \u00a0<br \/> De Belgische richtlijnen sluiten zich aan bij de algemene consensus dat tromboseprofylaxe met heparines met laag moleculair gewicht (LMWH) aan te raden is bij alle gehospitaliseerde pati\u00ebnten met COVID-19. Concrete aanbevelingen (onder andere over aangeraden posologie) zijn terug te vinden in de richtlijnteksten<span class='folia-referentie-note'><a name='_Hlk42503428'><sup>1<\/sup><\/a><\/span>.<br \/> Hieronder vindt u een overzicht van de aanbevelingen voor ambulante pati\u00ebnten.<br \/> \u00a0<\/p>\n<h2>Pati\u00ebnten die na een hospitalisatie wegens COVID-19 ontslagen worden<span class='folia-referentie-note'><sup>1<\/sup><\/span><\/h2>\n<ul>\n<li>\n<div>Na ontslag worden pati\u00ebnten die voordien orale anticoagulantia namen&#x002C; terug overgeschakeld naar hun oorspronkelijke behandeling.<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div><strong>Pati\u00ebnten die een veneuze trombo-embolie doormaakten<\/strong> dienen behandeld te worden volgens de richtlijnen voor veneuze trombo-embolie (minstens 3 maanden therapeutische anticoagulatie).<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div><strong>Tromboseprofylaxe na ontslag<\/strong>: de Belgische richtlijnen raden een voortgezette profylaxe met LMWH (50 IU anti-Xa\/kg 1x\/d) aan gedurende:<\/div>\n<ul style='list-style-type:circle;'>\n<li>\n<div><strong>2 weken voor alle pati\u00ebnten<\/strong><\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div>4 tot 6 weken in aanwezigheid van bijkomende risicofactoren voor veneuze trombo-embolie (leeftijd > 70j&#x002C; opname op IZ&#x002C; trombofilie&#x002C; obesitas&#x002C; roken&#x002C; gebruik van hoge doses oestrogenen&#x002C; immobilisatie&#x002C; hartfalen&#x002C; respiratoir falen&#x002C; actieve kanker&#x002C; persoonlijke of familiale voorgeschiedenis van veneuze trombo-embolie en\/of majeure heelkunde de voorbije 3 maanden)<\/div>\n<\/li>\n<\/ul>\n<\/li>\n<\/ul>\n<div>Bij de beslissing over het instellen van een voortgezette tromboseprofylaxe moet de afweging gemaakt worden tussen de voor- en nadelen ervan (graad van immobiliteit vs bloedingsrisico).<br \/> \u00a0<\/div>\n<h2>Pati\u00ebnten met COVID-19 die enkel ambulant behandeld worden<span class='folia-referentie-note'><sup>1&#x002C;2<\/sup><\/span><\/h2>\n<ul>\n<li>\n<div>De Belgische en Nederlandse aanbevelingen raden bedlegerige COVID-19-pati\u00ebnten aan om regelmatig even te <strong>bewegen<\/strong> (bv. 2 \u00e0 3 keer per dag 5 \u00e0 10 minuten uit bed komen)<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div>Bij pati\u00ebnten onder chronische anticoagulatiebehandeling moet deze behandeling ongewijzigd worden voortgezet. INR (bij behandeling met vitamine K-antagonisten) en nierfunctie (bij behandeling met DOAC\u2019s of LMWH\u2019s) moeten nauwgezet opgevolgd worden.<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div>Daar waar het <strong>gebruik van LMWH\u2019s<\/strong> volgens de Franse en Nederlandse aanbevelingen \u201cte overwegen\u201d is <strong>bij bedlegerige COVID-19-pati\u00ebnten met bijkomende risicofactoren voor veneuze trombo-embolie<\/strong> (VTE)&#x002C; wordt dit in de Belgische richtlijn expliciet aangeraden. Ook de lijst met bijkomende risicofactoren voor VTE in de Belgische richtlijnen is uitgebreider dan in de Nederlandse richtlijnen (die hiervoor enkel een persoonlijke voorgeschiedenis van VTE of een actieve maligniteit in aanmerking nemen) en de Franse richtlijnen (die daar een BMI > 30 kg\/m\u00b2 of een leeftijd > 70 jaar of majeure chirurgie in de voorbije 3 maanden aan toe voegen).\u00a0 De Belgische richtlijnen voegen familiale voorgeschiedenis van VTE&#x002C; trombofilie&#x002C; zwangerschap&#x002C; hartfalen en respiratoir falen toe aan de lijst met bijkomende risicofactoren voor VTE. Ze raden ook aan een tromboseprofylaxe te overwegen bij bedlegerige COVID-19-pati\u00ebnten zonder additionele risicofactoren voor VTE. Dit verschil in aanbevelingen is te verklaren doordat er een gebrek is aan gegevens uit studies en al deze aanbevelingen dus berusten op consensus.<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div>De voorgestelde dosis LMWH is de profylactische dosis (50 IU anti-Xa\/kg 1x\/d); de voorgestelde duur is 2 weken.<\/div>\n<\/li>\n<li>\n<div>Net zoals in de Franse richtlijnen&#x002C; wordt in de Belgische en Nederlandse richtlijnen het bepalen van D-dimeren om de ernst van de ziekte te bepalen of een verhoogd tromboserisico op te sporen&#x002C; afgeraden. Enkel bij verdenking op diepe veneuze trombose of op longembolie is deze test aangewezen.<br \/> \u00a0<\/div>\n<\/li>\n<\/ul>\n<h2>Referenties<\/h2>\n<p> <span class='folia-referentie-nummer'>1.\u00a0<\/span><span class='folia-referentie-tekst'> Belgian Society of Thrombosis and Haemostasis. Anticoagulation management in COVID-19 positive patients. BSTH consensus guideline.<\/span> <span class='folia-referentie-link'><a href='https:\/\/covid-19.sciensano.be\/sites\/default\/files\/Covid19\/COVID-19_Anticoagulation_Management.pdf?utm_source=Measuremail&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=COVID19_EN'>https:\/\/covid-19.sciensano.be\/sites\/default\/files\/Covid19\/COVID-19_Anticoagulation_Management.pdf?utm_source=Measuremail&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=COVID19_EN<\/a>.<\/span> <span class='folia-referentie-tekst'>Laatst bezocht op 03\/06\/2020.<\/span><br \/> <span class='folia-referentie-nummer'>2.\u00a0<\/span> <span class='folia-referentie-tekst'>Nederlands Huisartsengenootschap. Leidraad Stollingsafwijkingen bij COVID-19 voor de huisarts. 19\/05\/2020. <\/span><span class='folia-referentie-link'>https:\/\/www.nhg.org\/sites\/default\/files\/content\/nhg_org\/uploads\/19.5.20_nhg_leidraad_stolling_bij_covid-19_voor_publicatie.pdf <\/span> <\/p>\n<h2> Onze \u201cGoed om te weten\u201d van 30 april 2020:<\/h2>\n<p>Er is toenemende evidentie dat COVID-19 gepaard gaat met een hoger risico op thrombo-embolie. Men ziet een opvallend hoge incidentie van vooral longembolie&#x002C; maar ook van veneuze en arteri\u00eble trombosen onder pati\u00ebnten met COVID-19 op intensieve zorgen. Een toestand van hypercoagulabiliteit wordt vermoed&#x002C; waarvan het mechanisme nog onvoldoende gekend is. Daarom is er momenteel een algemene consensus dat alle gehospitaliseerde pati\u00ebnten met COVID-19 tromboseprofylaxe moeten krijgen (hoewel er actueel geen enkele evidentie beschikbaar is over de werkzaamheid hiervan). De voorkeur gaat hiervoor uit naar heparines met laag moleculair gewicht (LMWH) aangezien zij parenteraal toegediend worden en minder risico op interacties inhouden. Pati\u00ebnten op orale anticogulantia worden bij opname dan ook best overgeschakeld op LMWH<span class='folia-referentie-nummer'><sup>1<\/sup><\/span>.<br \/> \u00a0<br \/> Veel zorgverleners in de eerste lijn stellen zich de vraag of ambulante pati\u00ebnten met COVID-19 ook een verhoogd tromboserisico hebben en of deze pati\u00ebnten tromboseprofylaxe moeten krijgen. Hierover bestaat nauwelijks evidentie. Ook concrete aanbevelingen of richtlijnen zijn schaars.<br \/> We moeten een onderscheid maken tussen 2 situaties: enerzijds de ambulante behandeling van pati\u00ebnten die na een ziekenhuisopname voor COVID-19 ontslagen zijn en anderzijds de ambulante behandeling van pati\u00ebnten met COVID-19 die niet opgenomen werden.<br \/> \u00a0<\/p>\n<h2>Pati\u00ebnten die na een hospitalisatie wegens COVID-19 ontslagen zijn<\/h2>\n<p>Het is evident dat bij pati\u00ebnten die tijdens opname een longembolie of veneuze trombo-embolie doormaakten&#x002C; de anticoagulerende behandeling wordt voortgezet na hun ontslag. Zij moeten immers een langdurige anticoagulatiebehandeling krijgen van minstens 3 maanden&#x002C; zoals de richtlijnen voor de behandeling van longembolie en veneuze trombo-embolie voorschrijven.<\/p>\n<p> Voor de pati\u00ebnten die tijdens de opname geen longembolie of veneuze trombo-embolie doormaakten&#x002C; zijn er nauwelijks aanbevelingen te vinden. Nederlandse experten raden aan een verlengde trombosprofylaxe tot 6 weken na ontslag te overwegen bij pati\u00ebnten die bij ontslag nog immobiel zijn of intensieve nazorg nodig hebben. Pati\u00ebnten met coagulopathie en pati\u00ebnten opgenomen op IZ zouden in aanmerking komen voor hoog-profylactische doses<span class='folia-referentie-nummer'><sup>2<\/sup><\/span>. Franse experten schrijven dat het tromboserisico na ontslag sterk kan vari\u00ebren zodat het onmogelijk is algemene aanbevelingen over voortgezette tromboseprofylaxe te geven<span class='folia-referentie-nummer'><sup>3<\/sup><\/span>. De beslissing hierover moet geval per geval gebeuren. Overleg tussen eerste en tweede lijn is hierbij onontbeerlijk.<br \/> \u00a0<\/p>\n<h2>Pati\u00ebnten met COVID-19 die enkel ambulant behandeld worden<\/h2>\n<p>Of ook pati\u00ebnten met minder ernstige COVID-infectie die thuis behandeld worden&#x002C; een verhoogd tromboserisico hebben specifiek ten gevolge van deze COVID-infectie&#x002C; is niet gekend. Veel pati\u00ebnten klagen van ernstige vermoeidheid en koorts&#x002C; waardoor zij lange periodes in bed doorbrengen. De verminderde mobiliteit kan in combinatie met andere risicofactoren voor veneuze trombo-embolie toch aanleiding geven tot een verhoogd tromboserisico. Of dit verhoogd risico een tromboseprofylaxe rechtvaardigt blijft onduidelijk. Ook daarover zijn nauwelijks richtlijnen. Alleen in Frankrijk vonden we concrete aanbevelingen terug. Zij stellen dat tromboseprofylaxe met LMWH of fondaparinux overwogen kan worden bij pati\u00ebnten die naast een verminderde mobiliteit nog minstens \u00e9\u00e9n van volgende risicofactoren voor veneuze trombo-embolie hebben<span class='folia-referentie-nummer'><sup>3<\/sup><\/span>:<\/p>\n<ul>\n<li>\n<p>BMI > 30 kg\/m\u00b2<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>leeftijd > 70 jaar<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>lopende kankerbehandeling<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>persoonlijke voorgeschiedenis van veneuze trombo-embolie<\/p>\n<\/li>\n<li>\n<p>majeure chirurgie in de voorbije 3 maanden<\/p>\n<\/li>\n<\/ul>\n<p>We wijzen erop dat deze risicofactoren niet specifiek zijn voor COVID-19-pati\u00ebnten en gebaseerd zijn op gegevens over het tromboserisico bij gehospitaliseerde pati\u00ebnten met een acute ernstige ziekte&#x002C; aangezien er nauwelijks gegevens gekend zijn over het tromboserisico bij ambulante pati\u00ebnten.<br \/> Ook voor deze pati\u00ebnten wordt de beslissing om over te gaan tot trombosprofylaxe dus geval per geval genomen op basis van een afweging van het tromboserisico en het bloedingsrisico.<br \/> \u00a0<br \/> In de ziekenhuizen zijn er aanwijzingen dat oplopende D-dimeren een prognostische factor zijn voor het ontstaan van coagulopathie en een ernstig verloop van COVID-19. Of gestegen D-dimeren (die bij infectie en inflammatie sowieso stijgen) ook bij minder ernstig zieke COVID-19-pati\u00ebnten een prognostische waarde hebben&#x002C; is onduidelijk. In de eerste lijn worden D-dimeerbepalingen voor de detectie van een verhoogd tromboserisico momenteel dan ook niet aangeraden<span class='folia-referentie-nummer'><sup>3<\/sup><\/span>.<br \/> \u00a0<br \/> \u00a0<\/p>\n<h2>Referenties<\/h2>\n<p><span class='folia-referentie-tekst'><span class='folia-referentie-nummer'>1.\u00a0 <\/span>Sciensano. Interim clinical guidance for adults with suspected or confirmed COVID-19 in Belgium. Version 7&#x002C; 7 April 2020. <span class='folia-referentie-link'><a href='https:\/\/covid-19.sciensano.be\/sites\/default\/files\/Covid19\/COVID-19_InterimGuidelines_Treatment_ENG.pdf'>https:\/\/covid-19.sciensano.be\/sites\/default\/files\/Covid19\/COVID-19_InterimGuidelines_Treatment_ENG.pdf<\/a><\/span><\/span><\/p>\n<p><span class='folia-referentie-tekst'><span class='folia-referentie-nummer'>2.\u00a0 <\/span>Klok FA&#x002C; den Exter PE&#x002C; Huisman MV&#x002C; Eikenboom J. Do\u2019s-And-don\u2019ts bij COVID-19-coagulopathie. Ned Tijdschr Geneeskd. 2020;164:D5031.<\/span><\/p>\n<p><span class='folia-referentie-tekst'><span class='folia-referentie-nummer'>3.\u00a0 <\/span>Soci\u00e9t\u00e9 Fran\u00e7aise de M\u00e9decine Vasculaire. Propositions de la Soci\u00e9t\u00e9 Fran\u00e7aise de M\u00e9decine Vasculaire pour la pr\u00e9vention&#x002C; le diagnostic et le traitement de la maladie thromboembolique veineuse des patients avec COVID 09 non hospitalis\u00e9s. <span class='folia-referentie-link'><a href='https:\/\/www.portailvasculaire.fr\/sites\/default\/files\/docs\/sfmv_propositions_mtev_covid-19_texte.pdf'>https:\/\/www.portailvasculaire.fr\/sites\/default\/files\/docs\/sfmv_propositions_mtev_covid-19_texte.pdf<\/a><\/span><\/span><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Update van 9 juni 2020 In ons Goed om te  [&#8230;]<\/p>\n","protected":false},"author":9,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[43,65],"tags":[48,20213,20224,20226],"class_list":["post-176436","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-nieuw","category-2020-nl","tag-actualites-covid-19","tag-import_tags","tag-import_tags-nl","tag-covid-19-update"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/176436","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/9"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=176436"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/176436\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":179015,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/176436\/revisions\/179015"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=176436"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=176436"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/h.bcfi.be\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=176436"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}